Meer
Publicatiedatum: 09-10-2019

Inhoud

Programma onderdelen

Ambitie Duurzaam Dinkelland

Inleiding Ambitie Duurzaam Dinkelland

Inleiding

doel

In het coalitieprogramma 2018-2022 van Dinkelland heeft duurzaamheid een prominente rol gekregen: duurzame energie, afval, verwijdering asbest en circulair inkopen zijn richtinggevende  thema’s in het akkoord. Wij vinden dat duurzaamheid een manier van denken is die geïntegreerd moet worden in ons hele doen en laten. Dat geldt voor de gemeente Dinkelland zelf, voor ondernemers, maatschappelijke organisaties, inwoners en andere overheden. Wij willen ons steentje bijdragen om de gevolgen van de klimaatverandering te beperken.

 

Aangezien het vooral gaat om verandering van gedrag en de toepassing van nieuwe technieken bestaat de rol van de gemeente Dinkelland met name uit verbinden, faciliteren, samenwerken en participeren. Duurzaamheid overschrijdt lokale grenzen, waardoor we inzetten op de aanscherping van de regionale samenwerking in combinatie met lokale projecten en processen. We gaan zelf het goede voorbeeld geven en ons vaker aansluiten bij duurzame initiatieven van inwoners, bedrijven en organisaties.

 

Een transitie, dus ook de energietransitie,  is een structurele ingrijpende verandering die het resultaat is van op elkaar inwerkende en elkaar versterkende ontwikkelingen op velerlei gebieden, zoals technologie, economie, instituties, natuur en milieu. Transities zijn maatschappelijke omwentelingen die leiden tot fundamentele en onomkeerbare veranderingen We leven dus in een verandering van tijdperken  waarbij we meer mensen betrekken en faciliteren om hun ideeën vorm te geven. We werken vanuit andere waarden en dat vraagt ook om een transitie van betrokken organisaties en stakeholders. Dit betekent dat we anders denken, anders ervaren en anders doen. Een transitie verloopt zelden lineair en laat zich niet strak sturen in de tijd. Transities zijn mensenwerk; de technologie is belangrijk maar niet doorslaggevend. Voor de actielijn Duurzaam Dinkelland betekent dit dat we een richting hebben bepaald met ambities die qua doelbereik en de voorgenomen inspanningen sterk afhankelijk zijn van onze omgeving met een grote diversiteit aan stakeholders. We zullen waar nodig de inspanningen moeten bijstellen en de dynamiek van het moment benutten om een bijdrage te leveren aan de doelen.

 

Dit resulteert in de volgende actielijnen en die gaan we komende periode als volgt meten:

doelenboom

Een energieneutraal Dinkelland

Wat willen we bereiken

Geen gebruik van fossiele brandstoffen, maar duurzame vormen van energieopwekking

Waar staan we nu? (IST)

  • Op dit moment wekken we binnen de gemeente Dinkelland 11% van ons energieverbruik duurzaam op (Bron Klimaatmonitor 2016).

 

Waar gaan we naar toe? (SOLL)

  • Dinkelland  haakt aan bij de landelijke doelstelling om in 2050 de opwekking van 100% duurzame energie te hebben.

 

Tussendoelen:

  • Het tussendoel is om in 2023, 20% duurzame opwekking van energie te realiseren en 6% energiebesparing;
  • In 2030 zitten we op 30% duurzame opwekking en 12% energiebesparing

In het klimaatakkoord van Parijs heeft Nederland samen met 194 andere landen toegezegd te zorgen dat de aarde in 2050 niet meer dan twee graden is opgewarmd. Nederland heeft (door actief verder te werken aan het energieakkoord) hierop een eigen klimaatakkoord opgesteld met één groot doel: “om klimaatverandering tegen te gaan willen we in Nederland in 2030 bijna de helft (49%) minder broeikasgassen uitstoten dan we in 1990 deden.” Dit doel is opgesplitst naar een doelstelling per sector uitgedrukt in megatonnen CO2-reductie. De landelijke sectortafels werken nu hard aan oplossingen om de doelstelling in hun eigen sector en het gezamenlijke doel te halen. Daarnaast kijken ze ook verder en moet ze ervoor zorgen dat in 2050 er nog veel minder CO2 uitgestoten wordt. 

 

De uitwerking op regionaal niveau komt eind 2019 voort uit de RES (Regionale energie strategie). De RES-T is een Twentebrede samenvoeging van ambities welke vanuit de TES (Twentse Energie Strategie), programma NEO (Nieuwe Energie Overijssel), het Rijk en de VNG gesteld worden. Onder paragraaf 1.1.2 wordt ingegaan op de initiatieven welke (tot 2022) binnen de invloedssfeer van de gemeentelijke bedrijfsvoering liggen om invulling en richting te geven aan deze ambities.

Wat hebben we gedaan?

In de begroting van 2019 is een aantal inspanningen genoemd met bijbehorende te behalen resultaten. Hieronder ziet u de behaalde mijlpalen voor de actielijn 'Energieneutraal Dinkelland':

 

De volgende inspanning, zoals deze in de begroting is opgenomen, is afgerond:

Inspanning

Resultaat

Start

Status

Ontwikkelen Duurzaamheidsfonds Dinkelland

Een beschikbaar Duurzaamheidsfonds voor onze inwoners

Voorbereiding gestart in 2018. Vanaf het eerste kwartaal 2019 kunnen inwoners gebruik maken van de regeling.

Gereed / afgerond

Omdat deze inspanning is afgerond wordt de uitvoering hiervan opgenomen in de basisbegroting.

 

In de verschillende kernen zijn initiatieven gestart die een bijdrage leveren aan de doelen van deze actielijn. 

Trends en ontwikkelingen

Innovaties en nieuwe inzichten bepalen in belangrijke mate het proces van de energietransitie. Met  de koers en aanpak die we volgen  anticiperen we op adequate wijze op interventies en procesdynamiek. Landelijk gezien zijn  er ontwikkelingen waardoor de transitie nog vele onzekerheden kent. Dit risico constateren we en we gaan hierop anticiperen mocht dat nodig zijn.

 

Mede door de samenwerking binnen NOT, die geïntensiveerd wordt de komende drie jaar,  kunnen we putten uit veel deskundigheid. 

Financiële kaders

Er zijn geen afwijkingen ten opzichte van de begroting.

Conclusie

De inspanningen die we verrichten zijn op hoofdlijnen actueel en dragen bij aan de doelen. We volgen de geprogrammeerde koers.

Een afvalloos Dinkelland

Wat willen we bereiken

In 2022 hebben we ons doel van maximaal 50 kg restafval per inwoner per jaar bereikt.

 

Waar staan we nu? (IST)

  • In 2017 werd er per inwoner 60 kg restafval per jaar ingezameld.

 

Waar gaan we naar toe? (SOLL)

Doelen Afvalloos Dinkelland:

  • Vanuit de ambitie van het project “Afvalloos Twente” streven we naar maximaal 50 kg restafval per inwoner per jaar in 2030. Door ons huidige beleid voort te zetten en te optimaliseren streven we er naar om dat doel in 2022 te halen.
  • In 2050 zijn er geen restafvalstromen meer in Dinkelland

In 2030 is het besef doorgedrongen dat we alleen nog producten kopen die na gebruik weer volledig kunnen worden hergebruikt voor nieuwe producten, bestaat er geen afval meer en leven we in een circulaire duurzame samenleving.

 

De Twentse gemeenten hebben in het kader van het Landelijke Afvalbeleidsplan het project “Afvalloos Twente” opgepakt. De ambitie is om in 2030 de hoeveelheid restafval te reduceren tot maximaal 50 kilo per persoon per jaar. Deze ambitie is gebaseerd op het IPR Normag (een adviesbureau op het gebied van strategie, beleid en organisatie) rapport dat in 2014 de basis heeft gevormd voor de regionale afvalvisie en ons eigen afvalbeleid. Met de huidige hoeveelheid van 60 kilo per inwoner per jaar in 2017 voldoen we nog niet aan de ambities van Afvalloos Twente. Het streven is om de ambitie eerder waar te maken dan in 2030. Daarvoor gaan we in 2019 en 2020 voorstellen uitwerken om op 1 februari 2022 de gewenste 50 kg per inwoner per jaar te halen.

Wat hebben we gedaan?

In de begroting van 2019 is een aantal inspanningen genoemd met bijbehorende te behalen resultaten. Hieronder ziet u de behaalde mijlpalen voor de actielijn 'Afvalloos Dinkelland':

  • De ROVA heeft geadviseerd om de wijze van afvalinzameling vooralsnog niet te wijzigen.

Trends en ontwikkelingen

De vraag is of we de samenleving meer kunnen betrekken bij het halen van het gestelde doel. Deze overweging die vooral betrekking heeft op draagvlak en betrokkenheid bij dit maatschappelijke thema kan nader onderzocht worden. De aandacht voor gescheiden inzameling van afval bij maatschappelijke organisaties blijft een aandachtspunt.

 

Er zijn geen verder trends of ontwikkelingen op dit moment die bijsturing van het thema afval noodzakelijk maken. 

Financiële kaders

In 2019 zijn er geen extra aanvullende middelen verbonden aan de actielijn 'Een afvalloos Dinkelland'.

Conclusie

De inspanningen die we verrichten zijn op hoofdlijnen actueel en dragen bij aan de doelen. We volgen de geprogrammeerde koers.

Meer asbest eraf en meer zon erop

Wat willen we bereiken

In 2024 zijn alle asbestverdachte daken vervangen en zijn op 30 % van deze daken zonnepanelen geplaatst. In 2022 is 50% van de asbestdaken vervangen en zijn op 30% van deze daken zonnepanelen geplaatst.

  

Waar staan we nu? (IST)

  • In Dinkelland is in het buitengebied 628.000 m² aan asbestdaken aanwezig, in het stedelijk gebied 33.000 m² en op de bedrijventerreinen 10.000 m², welke direct onderhevig zijn aan de weersinvloeden. (Bron: asbestinventarisatie provincie Overijssel, situatie 2017)

 

Waar gaan we naar toe? (SOLL)

  • Op 1 januari 2024 zijn alle asbestdaken gesaneerd. 30% van de vervangen daken is voorzien van zonnepanelen.

Het Rijk heeft per 2024 een asbestverbod afgekondigd, de verwachting is dat najaar 2018 het wetsvoorstel ook door de Kamer wordt goedgekeurd. Het verbod geldt dan per 1-1-2024. Gemeenten hebben de plicht om het asbestdakenverbod te handhaven als dat in 2024 van kracht is. Samen met de provincie willen we bedrijven, agrariërs en particulieren stimuleren om asbest voor 2024 te verwijderen van de daken. Het vervangen van het dak is ook het moment om een verduurzaming te realiseren door zelf energie op te wekken middels zonnepanelen. Via het Duurzaamheidsfonds Dinkelland willen we het plaatsen van panelen stimuleren.

 

Losse asbestvezels zijn schadelijk voor de volksgezondheid, het (langdurig) inademen van deze vezels kan leiden tot kanker. Asbestbranden leiden tot onrust over de volksgezondheid en vormen een risico op hoge maatschappelijke kosten en economische schade. Gemeenten hebben de plicht om het asbestdakenverbod te handhaven als dat in 2024 van kracht is. De provincie wil nu samen met de gemeenten, bedrijven, agrariërs en particulieren een stimulans geven om asbest voor 2024 van de daken te verwijderen. Wij grijpen dit verbod aan om verduurzaming te bevorderen. Onze voorkeur gaat uit naar plaatsing van zonnepanelen ter vervanging van asbestdaken.

Wat hebben we gedaan?

In de begroting van 2019 is een aantal inspanningen genoemd met bijbehorende te behalen resultaten. Hieronder ziet u de behaalde mijlpalen voor de actielijn 'Meer asbest eraf, meer zon erop':

  • De Provincie heeft middelen beschikbaar gesteld voor het stimuleringsfonds voor het verwijderen van asbestdaken.
  • Het College heeft besloten om met de NOT gemeenten deel te nemen aan het project voor collectief asbest saneren bij particulieren. 
  • Het ketenvormingsproject (Asbestschakel) is ontstaan. Asbestsaneringsbedrijven en bouwbedrijven hebben elkaar gevonden en bieden een totaalpakket aan.

Trends en ontwikkelingen

Naar aanleiding van de behandeling van de wet in de Eerste Kamer, waarbij het wetsvoorstel niet is aangenomen, gaan we ons beraden over het vervolg. De gevolgen ten aanzien van de programmering zijn op dit moment nog onvoldoende in beeld. Wij komen hier bij de begroting 2020 op terug. Dit kan betekenen dat wij ons doel op onderdelen bij moeten stellen.

 

Het Rijk (trekker), de provincie en de gemeenten onderzoeken de mogelijkheden van een revolverend fonds voor het verwijderen van asbestdaken voor particulieren. In het vierde kwartaal van 2019 wordt hierover duidelijkheid verwacht.

 

Van de gemeente wordt vooralsnog een bijdrage in het fonds gevraagd. 

Financiële kaders

Er zijn geen afwijkingen ten opzichte van de begroting.

Conclusie

Naar verwachting is er in het vierde kwartaal van 2019 meer duidelijkheid over de mogelijkheden van een revolverend fonds asbest verwijderen particulieren.  Van ons wordt een bijdrage gevraagd die zal leiden tot een multiplier. De financiële toelichting is terug te vinden onder het financiële hoofdstuk.

 

De inspanningen die we verrichten zijn vooralsnog verder op hoofdlijnen actueel en dragen bij aan de doelen. We volgen de geprogrammeerde koers totdat blijkt dat de ontwikkelingen bijsturing van het doel tot gevolg heeft. 

Meer circulaire inkoop

Wat willen we bereiken

Bij inkoop van de gemeente meer rekening houden  op de herbruikbaarheid van producten en grondstoffen.

 

Waar staan we nu? (IST)

  • Op dit moment hebben we nog geen helder beeld van wat circulaire inkoop voor de gemeente betekent en daarmee ook niet waar we staan. We gaan dit instrument ontwikkelen.

 

Waar gaan we naar toe? (SOLL)

  • Er is een helder inkoopbeleid met duidelijke normen voor circulair inkopen
  • Het is meetbaar of er circulair ingekocht wordt
  • In 2022 wordt ingekocht conform de in het beleid gestelde normen.

Circulaire Economie helpt onze duurzame ambities te verwezenlijken. De circulaire economie en is een erg breed begrip. Het Ministerie van VROM hanteert de volgende definitie: “het toepassen van milieuaspecten en sociale aspecten in alle fasen van het inkoopproces, zodat dit uiteindelijk leidt tot de daadwerkelijk levering van een product, dienst of werk dat aan deze eisen voldoet.” Binnen Dinkelland ligt de focus op circulair inkopen. Hierbij gaat het om de inzet van het instrument Inkoop om productie en (her)gebruik van circulaire producten en diensten te stimuleren en zo duurzaamheid te versterken[1].


Wat hebben we gedaan?

In de begroting van 2019 is een aantal inspanningen genoemd met bijbehorende te behalen resultaten. Voor de actielijn 'Meer circulaire inkoop' zijn nog geen concrete mijlpalen te benoemen.

Trends en ontwikkelingen

Wij zijn bezig met het onderzoeken van het mobiliteitsvraagstuk Dinkelland, Tubbergen, Noaberkracht. In de begroting van 2020 geven wij u hierover meer duidelijkheid.

 

We gebruiken 2019 vooral om inzicht te krijgen in onze ambities en mogelijkheden (inclusief financiële consequenties) voor circulaire inkoop. Begin 2020 komt hierover een raadsvoorstel.

 

Er zijn momenteel verder geen trends en ontwikkelingen die bijsturing van het thema circulaire inkoop noodzakelijk maken.

Financiële kaders

Er zijn geen afwijkingen ten opzichte van de begroting.

Conclusie

De inspanningen die we verrichten zijn op hoofdlijnen actueel en dragen bij aan de doelen. We volgen de geprogrammeerde koers.  

Duurzaam Dinkelland - financieel

Financiële kaders Ambitie Duurzaam Dinkelland

In de begroting 2018 is een incidenteel budget van  €1,6 miljoen beschikbaar gesteld voor de uitdaging duurzaamheid. In de begroting 2019 zijn de projecten en processen beschreven waarvoor dit budget is ingezet. Het resterende bedrag van €1,29 miljoen is met €1 miljoen verhoogd via het koersdocument (met als basis het coalitieakkoord). In het koersdocument is dit aanvullende bedrag van €1 miljoen voor energietransitie beschikbaar gesteld. Dit betekent dat het resterende bedrag (programmamiddelen duurzaamheid) uitkomt op een bedrag van €2,29 miljoen. 

 

Hieronder vindt u een toelichting op de reeds beschikbaar gestelde middelen en de nog toe te kennen middelen uit dit budget voor processen en projecten voor duurzaamheid.

 

Inmiddels zijn de volgende middelen beschikbaar gesteld uit de Programmamiddelen Duurzaamheid voor de volgende projecten en processen: 

 

Zonnepanelen

Van de programmamiddelen duurzaamheid gemeente Dinkelland wordt € 55.000 besteed voor zonnepanelen. In raadsbrief 2019 nr. 12 hebben wij u aangegeven zonnepanelen te plaatsen op het gemeentehuis te Denekamp. De investering, na verrekening met te ontvangen subsidies wordt gedekt uit de beschikbare middelen (projectgeld) voor de ambitie Duurzaam Dinkelland.

 

Gezamenlijke inkoop lokaal duurzame energie
De inkoop van energie wordt in gezamenlijkheid gedaan met de veertien Twentse gemeenten en de veiligheidsregio. Hierbij worden gemeenten bijgestaan door een extern deskundige. De totale kosten voor de extern deskundige worden geraamd op € 30.000. Het kostendeel voor de gemeente zal (bij volledige deelname) neer komen op € 2.000 per gemeente. Het inkoop proces loopt tezamen met de inzet van de extern deskundige nog door tot eind 2019.

 

Energieke Regio 
Bedrijven binnen de Noord Oost Twentse gemeenten kunnen in ieder geval voor duurzaamheidsvragen, informatie en advisering tot 2019 terecht bij de Energieke Regio. Iedere NOT-gemeente draagt hier € 7.500 aan bij en de provincie verdubbeld dit naar € 15.000 per gemeente. De gemeentelijke bijdrage voor 2019 wordt betaald uit de programmamiddelen duurzaamheid.

 

Perspectiefnota

Voorgesteld wordt om aan de volgende projecten en processen de volgende middelen beschikbaar te stellen van de programmamiddelen duurzaamheid. Het gaat hier om een nadere concretisering van reeds bestaande middelen, namelijk het door de raad ter beschikking gestelde bedrag voor duurzaamheid.

  1. Voor het voortzetten van de samenwerking NOT met betrekking tot de Energietransitie  in 2020, 2021 en 2022 is jaarlijks, gedurende drie jaar,  een bedrag van € 50.000 nodig. Dit betekent dat er € 150.000 ten laste van de programmamiddelen duurzaamheid wordt gebracht.
  2. In NOT verband gaan we ten behoeve van de voorlichting, communicatie en draagvlak het zogenaamde Energieloket 3.0 oprichten (vervolg op Energieloket 2.0). In dit loket vinden inwoners, bedrijven, (maatschappelijke) organisaties alle informatie die nodig is ten aanzien van de energietransitie. De kosten voor het loket (2020, 2021 en 2022) bedragen € 40.000 per jaar. Dit betekent dat er € 120.000 ten laste van de programmamiddelen duurzaamheid wordt gebracht.
  3. In 2020 dient voor onder andere kleine uitgaven, quick-wins, algemene proceskosten, etcetera  een werkbudget van € 10.000 beschikbaar te zijn.
  4. We gaan vanaf september 2019 collectieve initiatieven ondersteunen die een bijdrage leveren aan de energietransitie. Gedacht moet worden aan oprichten van coöperaties, vergroten van kennis, inhuren van expertise door organisaties etcetera. Hiervoor wordt een laagdrempelige stimuleringsregeling geactiveerd voor de periode van achttien maanden. Voor de stimuleringsregeling is in deze tranche een bedrag van € 60.000 nodig.
  5. Al sinds vorig jaar zomer wordt er gekeken naar de opties voor een landelijk fonds voor asbestdaksanering: de opvolger voor de uitgeputte subsidieregeling van het Rijk. Geen subsidie dit keer, maar een leningconstructie. De contouren van dit fonds worden achter de schermen met zorg bepaald. SVn houdt zich hier mee bezig. Dit doet de SVn in samenwerking met het ministerie van I&W, het landelijke programmabureau voor de versnelling van de sanering van asbestdaken, banken, de VNG en de provincies. Provinciale staten van Overijssel hebben al € 6,25 miljoen gereserveerd voor een fonds. Zodra het landelijke fonds gereed is, kan de provincie Overijssel snel aanhaken. De provincie heeft gemeenten gevraagd ook voor een bepaald bedrag bij te dragen. De gemeente kan starten met een relatief klein bedrag en kan dit bedrag later verhogen. Door deelname aan het fonds kunnen de inwoners van onze gemeente gebruik maken van het fonds. Deelname aan het landelijke fonds is  interessant aangezien de overheden 25% inleggen  en 75% van banken en andere investeerders afkomstig is. De 25% van de overheid bestaat voor de helft uit een bijdrage van het Rijk, een kwart van de provincie en een kwart van de gemeente. Vooralsnog programmeren we een deelname van € 50.000 per jaar gedurende vijf jaar (2020-2024). De kosten voor deelname worden bepaald door rentelasten en beheerskosten. Voor de periode 2020-2024 bedragen deze € 15.000.

 

In totaal wordt dus voorgesteld om een bedrag van € 605.000 uit de programmamiddelen duurzaamheid te alloceren voor bovenstaande projecten en processen.

 

Voor een nadere toelichting verwijzen wij u naar het financiële hoofdstuk.